aa 

 

Fietsen met de hond

Over het algemeen wordt er aangeraden om pas te beginnen met fietsen wanneer de hond een leeftijd heeft bereikt van tenminste 12 maanden, tenzij anders geadviseerd door uw eigen dierenarts. Als men zich strikt aan onderstaand schema houdt en tevens in overleg met de dierenarts begint, dan zou men reeds op 6-8 maanden kunnen beginnen. U begint de hond te laten wennen aan de fiets (op jonge leeftijd). U loopt met de fiets aan de linkerhand en de hond, aangelijnd met halsband aan uw rechterhand. U bevindt zich dus tussen de fiets en de hond. Loopt de hond nu netjes mee zonder te trekken, dan loopt u een eindje met de fiets tussen u en de hond in, dus fiets een klein eindje (ongeveer 150 meter.)De hond loopt zonder trekken naast de fiets, niet er voor en ook niet er achter; rechts van de fiets in het belang van uw veiligheid en die van de hond.De hond gaat in gelijkmatige draf, niet in galop. Galopperen is erg belastend voor het schoudergewricht en de andere gewrichten van de voorpoten, bij draven worden de spieren van de achterhand versterkt en dat is voor de meeste honden zeer belangrijk. Bij een conditietraning is het zeer belangrijk het trainingsprogramma zo in te richten, dat er ook voldoende rustperiodes in verwerkt zijn (Bron: Dierenkliniek Goeree).

Het is belangrijk het fietsen rustig op te bouwen en niet teveel in een keer te doen. U kunt een schema aanhouden, zoals onderstaand.


Dag 1 Dag 2 Dag 3 Dag 4 Dag 5 Dag 6 Dag 7
Week 1 5 min rusten 10 min rusten 10 min rusten rusten
Week 2 10 min 10 min rusten 10 min 10 min rusten rusten
Week 3 10 min 10 min 10 min rusten 10 min 10 min rusten
Week 4 15 min 10 min rusten 15 min 10 min 5 min rusten
Week 5 15 min 10 min 10 min rusten 15 min 10 min rusten
Week 6 15 min 10 min 10 min rusten 20 min 10 min rusten


Hierna houdt u twee weken rust. Daarbij moet u natuurlijk de toestand van uw hond goed in de gaten houden, als hij een slechte dag heeft accepteert dat dan en doe het rustig aan. Fiets in een kalm tempo, zeker in het begin.bZorg er voor, dat de hond niet direct naast de weg loopt. Er bevinden daar vaak glasscherven en scherpe steentjes waaraan de de hond zijn voetzooltjes kan bezeren. Controleer altijd de voetzooltjes bij thuis komst. Zijn deze kapot gelopen, stop dan direct. Gaat de hond mank lopen, onmiddellijk stoppen. Laat de hond goed uit voor dat u gaat fietsen. Spoel in de wintermaanden, als er gestrooid is, de voetzolen van de hond met lauw water, zodra u thuis ben. Fiets niet met een hond die pas gegeten heeft wacht minimaal 3 uur na de maaltijd. Geef uw hond ook niet meteen na het fietsen te eten en wacht dan minstens een halfuur. Geef u hond na het fietsen vers water. Fiets zomers niet bij een temperatuur van meer dan 20°C (Bron: Dierenkliniek Goeree). 

Veel verantwoord fiets plezier samen!